Postume gift oud-secretaris aan ‘Tent of Nations’

Wim Kramers tijdens het planten van olijfbomen in Palestina, februari 2013. Foto: Olijfboom Campagne ‘Houd hoop levend’.

Wim Kramers (82), toegewijd secretaris van de Palestina Werkgroep Enschede, overleed 30 december 2018. Op 5 januari 2019 was het afscheid in een overvolle Remonstrantse Kerk in Hengelo.

Wim Kramers was een veelzijdig man met een zachtmoedig en ruim hart voor de mens in de marge, zowel in Enschede als ver buiten onze landsgrenzen, zoals voor een kindertehuis in de Oekraïne en de kinderkampen van de Tent of Nations in Palestina. Op velerlei wijze heeft hij zich zowel in zijn arbeidzame als op pensioengerechtigde leven ingezet om de wereld tot een betere plek te maken voor zijn mede mens.

In 2013 maakte Wim met een veertig internationals een reis naar Palestina in het kader van de Olijfboom Campagne “Houd hoop levend”. Hij plantte daar zelf de olijfbomen, die hij en zijn vrouw Henny geschonken kregen bij hun veertigjarig trouwfeest.

Bij de uitvaart van Wim in januari jongstleden is nog eens een bedrag van 1550 euro ingezameld voor de Tent of Nations, een ecologisch project van de familie Nassar nabij Bethlehem/Palestina. Het geld is 9 februari j.l. op de Vrienden dag van de Tent of Nations in Driebergen overhandigt aan Daoud Nassar, projectleider en initiatiefnemer van de Tent of Nations. De Palestina Werkgroep Enschede vindt het een eer Wim Kramers als zijn secretaris te hebben gehad. Hij ruste in vrede.

Aardappels bij Albert Heijn

Bij de Albert Heijn voor aardappels. De eerste vijf soorten aardappels die ik bekeek waren aardappels uit Israël, uiteindelijk vond ik ook aardappels uit Frankrijk, die heb ik dus maar gekocht. Daarover geklaagd bij de klantenservice van Albert Heijn, daarbij vermeld dat dit toch eigenlijk niet kan, zeker niet net na de vele doden en gewonden die in Gaza zijn gevallen.

Albert Heijn reageert niet op het feit dat ik zo lang naar niet-Israëlische aardappels moest zoeken, ze reageren ook niet op de gebeurtenissen in Gaza en de morele verantwoordelijkheid van Albert Heijn hiervoor door Israëlische aardappels te verkopen.

In plaats daarvan sturen ze een (blijkbaar) standaard tekst over etikettering en Israël, daarmee suggererend dat tenminste een deel van de aardappels die Albert Heijn als “Israëlisch” verkoopt uit de bezette gebieden afkomstig is.

Uit het antwoord blijkt dat Albert Heijn hun leveranciers vraagt om geen valsheid in geschrifte te plegen, hoewel dit door de Tweede Kamer wel wordt gedoogd.

Albert Heijn gebruikt om onduidelijke redenen verschillende termen, “Palestijnse gebieden”, “bezette gebieden” en “betwiste gebieden”. Dit wekt de suggestie dat Albert Heijn niet echt weet hoe het echt zit.

Volledige tekst van Albert Heijn klantenservice:

Beste heer/mevrouw (naam),

Bij de etikettering van onze producten houden wij ons aan nationale en internationale wet- en regelgeving. Wij voldoen aan de wettelijke etiketteringseisen en zullen op grond hiervan het land van herkomst vermelden op die producten waar dat verplicht is.

Indien land van herkomst aanduiding niet wettelijk verplicht is, kunnen klanten zich tot Albert Heijn wenden met de vraag uit welk land een product afkomstig is; wij zullen dan ons uiterste best doen hierop een antwoord te geven waarbij wij het adres van de fabrikant of teler(s) geven.

Wij hebben onze leveranciers gevraagd eindproducten uit de Palestijnse gebieden niet te mengen met producten uit Israël.

Supermarkten zijn bereid om alternatieve en meer gedetailleerde vormen van etikettering toe te passen op producten uit betwiste gebieden zodat de consument op het moment van aankoop nog nauwkeuriger kan zien waar het product vandaan komt. Om deze alternatieve vormen van etikettering mogelijk te maken hebben diverse organisaties, waaronder de branche organisatie van de supermarkten, het Centraal Bureau Levensmiddelenhandel (CBL), een beroep op de overheid gedaan om duidelijkheid te verschaffen over de wettelijke status van de producten uit bezette gebieden en hoe producenten en supermarkten, als zij producten uit deze gebieden verkopen, deze kunnen etiketteren. De Nederlandse overheid verwijst echter naar de Europese overheid, die tot op heden ook geen duidelijkheid geeft.

Het CBL zal bij de overheid blijven aandringen om duidelijkheid te verschaffen als het gaat om herkomstetikettering van producten uit betwiste gebieden.

Mocht u nog vragen hebben dan verneem ik dat uiteraard graag.

Met vriendelijke groet,

(naam)
Medewerker Albert Heijn klantenservice

Internationale oproep om de Giro d’Italia 2018 niet in Israel te laten starten

Meer dan 120 mensenrechtenorganisaties, waaronder de Palestina Werkgroep Enschede doen een internationale oproep aan de Giro d’Italia om de `Grande Partenza´ in 2018 niet in Israël te houden vanwege zijn grove en niet aflatende schendingen van internationaal recht en de mensenrechten van Palestijnen. “Internationale oproep om de Giro d’Italia 2018 niet in Israel te laten starten” verder lezen

2e lustrum Stichting Oecumenische Vrouwengroep Twente Bethlehem

De Oecumenische Vrouwengroep Twente Bethlehem organiseert op zondag 19 november 2017 haar 2e lustrum.

’s Ochtends in de Ontmoetingskerk een kerkdienst, lunch en symposium.

’s Middags in het Muziekcentrum de Film “East Jeruzalem / West Jeruzalem”, een maaltijd en ’s avonds een concert verzorgd door de Palestijnse zangeres / activiste / actrice Mira Awad en de Israëlische singer / songwriter / mensenrechtenactivist David Broza.

Palestina en Pieter Omtzigt

In TC Tubantia van 4 november 2016 neemt CDA-er Pieter Omtzigt het op voor christenen in het Midden-Oosten. Hij zegt: “Hier in Enschede stonden in 2014 duizenden mensen te demonstreren tegen christenvervolging in het Midden-Oosten. Maar er was in de landelijke media geen enkele aandacht voor. Maar als in Amsterdam een paar honderd mensen voor Palestina de straat opgaan, staat dat de volgende dag in de krant.”
Hij maakt ten onrechte onderscheid tussen christenen enerzijds en Palestijnen anderzijds. Alsof er in Palestina, zeker in Bethlehem, geen christenen wonen.
Bovendien brengt hij een, in mijn ogen merkwaardige rangschikking aan onder demonstranten die in Enschede alsmede in Amsterdam voor dezelfde, universele mensenrechten opkomen.

Jan ter Haar