Landelijke aandacht voor eerste actiedag

De eerste actiedag, vandaag 11 mei, van de campagne “Prik geen Palestijn aan je vork” van de Palestina Werkgroep Enschede, kon meteen op landelijke aandacht rekenen. Op de website van Christenen voor Israël stond op vrijdag 10 mei reeds een verklaring van opperrabbijn Binyomin Jacobs en dat bericht stond op haar beurt zaterdagochtend op de website van het Reformatorisch Dagblad.

Dat de actie op “een steenworp afstand” van de Enchedese synagoge en “in de onmiddellijke nabijheid” van het Mauthausenmonument zou staan, zoals rabbijn Jacobs schrijft en klakkeloos door de genoemde websites wordt overgenomen (in het RD zelfs met een foto van de synagoge), is pure misleiding van het landelijke publiek. Hemelsbreed is de afstand tot de Albert Heijn vestiging waar vandaag geflyerd werd bijna een kilometer en de actie richt zich ook helemaal niet tegen de joodse gemeenschap in Twente of waar dan ook, maar tegen de Israëlische regering en haar bezettings- en apartheidspolitiek. De vijf Albert Heijn vestigingen waar de komende zaterdagen nog geflyerd zal worden, liggen alle vijf op nog grotere afstand van de synagoge.

Ook het winkelend publiek heeft heel goed door dat het om Israël gaat en niet om de joodse gemeenschap. Diverse gesprekken die de flyerende leden van de werkgroep met mede- èn tegenstanders hadden gingen dan ook vrijwel uitsluitend over het beleid en de handelwijze van de Israëlische regering.

Bijzonder interessant was het gesprek met een Nederlandse militair die bij de marine werkzaam is en vertelde dat hij vrij recent nog met zijn marine-eenheid voor de kust van Israël en Gaza heeft gepatrouilleerd. Naast Nederlandse militairen en medewerkers van de Militaire Inlichtingen- en VeiligheidsDienst waren ook militairen van de Israel Defense Forces en de Mossad op het schip werkzaam en werd intensief samengewerkt. Ook zouden volgens hem afzwaaiende Nederlandse militairen dienst hebben genomen bij de IDF. Zo kwam – naast de consumptie van Israëlische aardappelen – nog een heel ander voorbeeld van Nederlandse ondersteuning van de Israëlische politiek aan de orde. En zo zie je ook maar weer, hoe informatief straatacties kunnen zijn.

Aardappelboycot

De Palestina Werkgroep Enschede roept op geen aardappelen uit Israël te kopen. Vanaf zaterdag 11 mei voeren leden daarvoor actie in winkelcentra. Ze zijn getooid met sandwichborden waarop de teksten ‘Prik geen Palestijn aan je vork’ en ‘Koop geen Israëlische aardappelen’. Komende zaterdag is de start aan het Van Heekplein. Passanten krijgen flyers uitgedeeld met daarop nadere toelichting.

Koop geen Israëlische aardappelen

De Palestina Werkgroep Enschede sluit aan bij de internationale campagne voor boycot, desinvestering en sancties, gericht tegen het beleid van de Israëlische regering. Al jaren lang roepen Palestijnse maatschappelijke organisaties (het zijn er minstens 170) op geen Israëlische producten te kopen. Hun appèl klinkt in navolging van destijds de internationale boycot van de Apartheid in Zuid-Afrika.

“Door geen Israëlische aardappelen te kopen (ook sinaasappelen, dadels, avocado’s enz.), laat u weten het niet eens te zijn met de Israëlische bezetting van Palestina. U kunt deze producten makkelijk laten liggen; er zijn in de supermarkt genoeg aardappelen uit andere landen te koop,” aldus de oproep.

Israël heeft sinds 1948 de meeste landbouwgronden van haar Palestijnse inwoners onteigend. Zonder enige compensatie. Bovendien onttrekt het land een groot deel van het grondwater onder de Palestijnse gebieden. Waar Israël zijn eigen bewoners moeiteloos de akkers laat beregenen, brengt de staat via het eigen waterleidingbedrijf Mekorot Palestijnse boeren hoge tarieven in rekening. Funest voor deze cultureel sterk aan hun grond gebonden bewoners. Zie recent onderzoekwerk van de stichting SOMO.

De bezetting van de Palestijnse Westelijke Jordaanoever levert Israël gebieden op, om nieuwe migranten naar toe te sturen en extra landbouwgrond te bewerken. Landbouw is een belangrijke pijler waarop de clandestiene nederzettingenpolitiek steunt.

Israël ontzegt Palestina de middelen (grond, water e.a.) om zich agrarisch te ontwikkelen. Sinds de bezetting in 1967 voert het een politiek van stelselmatige inbeslagname van Palestijnse grond en vernietiging van boomgaarden en gewassen. Enkel zo houdt kan Israël de mythe ‘Laat de woestijn bloeien’ in stand houden. Over de rug van de Palestijnse boeren. Vandaar de oproep ‘Koop geen Israëlische aardappelen’.

Aardappelactie Glanerbrug

Op zaterdag 30 juni de vijfde aardappelactie. Dit keer bij de Albert Heijn aan de Gronausestraat in Glanerbrug. Een vrij kleine supermarkt, maar aangezien één van onze activisten in het dorp woont zijn we deze keer richting de Duitse grens gefietst. Veel mensen op de fiets of te voet, maar ook mensen met de auto of op een scooter. Ouderen en jongeren. Jongeren in een groep nemen minder makkelijk een flyer aan, als ze alleen zijn dan wordt er makkelijker naar informatie gevraagd. Veel jongeren weten weinig van de situatie in Israël/Palestina maar staan open voor informatie.

Een vrouw komt met koptelefoon op al swingend aan en schrikt op als ik haar aanspreek. Ze pakt de flyer aan en swingt de winkel in. Een aantal mensen vraagt in het dialect om een folder en tonen vervolgens luidkeels instemming. De mensen die geen flyer aanpakken hebben in ieder geval onze sandwichborden gezien en de boodschap ‘Prik geen Palestijn aan je vork’ en ‘Koop geen Israëlische aardappels’ meegekregen.

Omdat onze eigen flyers (bijna) op zijn gebruiken we ook de flyer van docP, ook in andere steden wordt vandaag geflyerd met dezelfde oproep  ‘Prik geen Palestijn aan je vork’.

Aardappelactie Twekkelerveld

Zaterdag 23 juni 2018 flyerden we in het winkelcentrum van Twekkelerveld rondom de supermarkt van Albert Heijn, de vierde zaterdag inmiddels in de Israëlische aardappelactie van de Palestina Werkgroep Enschede. Lag het aan het frisse weer, niet meer dat benauwende en bedompte, dat dit keer mensen opener en zelfs gretig reageerden?

We hebben geen negatieve reactie kunnen waarnemen, in tegenstelling tot voorgaande zaterdagen. Eerst ‘s morgens een kijkje bij de groenteschappen van Albert Heijn. Jawel, op ooghoogte en over de hele lengte, de soorten Dore, Exquisa, Nicola, Alexia (driekilozakken), Sante, Chateau en Ditta uit Israël. Daarna de bedrijfsleider geïnformeerd over de actie, die zei de aankondiging op prijs te stellen, niet dat ze er blij mee was.

Vanaf half elf was het buiten flyeren, elk van ons met sandwichborden om. De een tussen de hoofdingang en de stalling van de AH-karretjes in, de ander flanerend over het parkeerterrein nabij de supermarkt. De sandwichborden met de Palestijnse vlag/kleuren trekken zondermeer aandacht. Meestal bij oogcontact reikten we flyers aan het publiek uit.

Een van de reacties:
‘Heus, ik koop enkel biologische aardappels’
‘Maar die komen veelal uit Israël’.
‘Huh?’

Sommigen vroegen ons om uitleg (twee keer in het Engels), een ander vertelde over haar ervaringen in Israël. Er waren ook voortschuifelende, oudere mensen die sowieso graag enige aanspraak wilden, ‘t deed er niet toe waarover.

Deze zaterdag nogal heel wat mensen die hun duim omhoog staken, zich blij geraakt voelden door (Enschedese) actie voor de Palestijnen. Enkelen vroegen wat ze zelf daaraan konden bijdragen. We hebben hen naar onze website en die van docP verwezen.

‘Hoe drinkt u de koffie?’, vroeg vriendelijk lachend een man ons, met aan zijn zijde een vriendelijke vrouw, beiden mediteraan uiterlijk, dankbaarheid tonend. Vijf minuten later brachten ze ons twee koffie met een rol koekjes, gekocht bij de naburige oosterse supermarkt Ana. En of dat niet genoeg was, leverden ze aan het eind van onze ‘dienst’, ook nog eens twee pizzabroodjes af. Op de vraag ‘waartoe zijn wij deze zaterdag op aarde’, krijg je dan wel een heel royaal antwoord.

ps: bij Emté op Stokhorst signaleerde ik een kilozak Annabelle aardappelen, met royaal opschrift van Smeding Groente en Fruit/Sint Anne Parochie (Fr), land van herkomst Israël.

Palestina-actie moet na anderhalf uur wijken voor commercie

Zaterdag 16 juni 2018 – De derde consumentenactie “Prik geen Palestijn aan de vork” vond vanochtend plaats bij de Albert Heijn XL op het zgn. Miro-terrein. Gelegen aan een grote parkeerplaats vond onze actie bij de ingang plaats op particulier terrein, maar vooraf was bij het Albert Heijn personeel toestemming gevraagd en verkregen.

Onder het massale winkelend publiek waren de reacties wisselend, waarbij de positieve reacties het meest uitbundig waren. Sommige mensen maakten hun tegengestelde mening kenbaar door een aangenomen pamflet demonstratief in de prullenbak te gooien, medestanders kwamen soms uit de winkel teruglopen om nog even te melden dat ze het een hele goede actie vonden. Onder hen ook iemand die duidelijk maakte al in de jaren ’70 voor Palestina actie gevoerd te hebben in Enschede en die blij was te merken dat het werk werd voortgezet.

Spannend maar uitermate relevant was het gesprek met iemand die het pamfletje wel aannam maar ook liet weten familie in Israël te hebben wonen. De oproep geen Israëlische aardappelen te kopen vond hij dan ook pijnlijk. Tijdens een langdurig, constructief gesprek bleken we het over heel veel punten eens te zijn en na elkaar de hand geschud te hebben liep hij de winkel in en zei: “Ik koop Nederlandse aardappelen”.

Na anderhalf uur geflyerd te hebben zonder onvertogen woord, kwam om vijf voor twaalf de assistent winkelmanager naar buiten. Er zou sprake zijn van een misverstand. Die toestemming tot flyeren naast de deur was bedoeld voor goede doelen. Niet voor politieke acties. Die konden we beter bij de Albert Heijn in het centrum doen, zo meende hij. Maar daar waren we twee weken geleden al geweest.

Na enige discussie waar de grens tussen goede doelen en politieke acties nu precies lag, hebben we toch maar besloten onze actie te beëindigen. Toen kwam de aap uit de mouw. We hadden onze hielen nog niet gelicht of twee uitgedoste dames kwamen onze plekken innemen voor een of andere commerciële actie. De organisator van die actie had al een uur lang chagrijnig naar ons zitten kijken en stond er nu met het vrolijkste gezicht ter wereld bij.

We hebben niet meer gekeken voor welk goed doel zij nu stonden te flyeren. Waarschijnlijk hadden we het veld ook moeten ruimen als we met een minder politiek getinte actie bij de deur hadden gestaan. De vrijheid van meningsuiting en het lot van de Palestijnen moesten het afleggen tegen een commerciële reclame-campagne!

Jan Schaake
16 juni 2018